Skip to content

11. Digitalisering: ethische en levensbeschouwelijke aspecten

Wanneer je als inwoner van de moderne samenleving morele en juridische kanttekeningen plaatst bij de digitalisering van onze samenleving, is het van belang eerst de positieve aspecten te benoemen. Het is een gegeven dat digitalisering talrijke voordelen heeft op gebieden als communicatie, efficiëntie, rechtshandhaving, ontspanning, wetenschappelijk onderzoek, medische diagnostiek en zorgverlening om er maar enige op te sommen. In verhouding tot de meeste mensen in mijn omgeving maak ik spaarzaam gebruik van computertechnologie, maar plaats daar nadrukkelijk de kanttekening bij dat ik ook niet zonder zou kunnen. Hoe gemakkelijk is het om een uitgebreid document of manuscript op te slaan of te verzenden, informatie uit te wisselen via mail en sociale media, gebruik te maken van een website om bepaalde idealen uit te dragen, bronnen voor publicaties te raadplegen. En als de leeftijd voortschrijdt en kwetsbaarheid en afhankelijkheid toenemen, biedt moderne technologie een venster op de buitenwereld, de mogelijkheid om met (klein)kinderen te skypen of via een bezorgdienst inkopen te doen waardoor het mogelijk is om langer zelfstandig te blijven wonen.

Beveiliging door cameratoezicht Er is een sterkte toename van ‘slimme camera’s’ op basis van biometrische gezichtsherkenning

Onlangs werd ik getroffen door uitspraken van enige jonge studenten, die door hun actie een referendum afdwongen over de recente wijziging van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (in de volksmond aangeduid als ‘Sleepwet’). In eerdere publicaties heb ik uitgelegd dat ik geen voorstander ben van het instrument ‘referendum’, omdat het volgens mij verlammend werkt op een regering die vier jaren ons land moet kunnen regeren en in deze complexe en snel veranderende wereld niet ieder besluit aan het volk kan voorleggen. Toch sprak het idealisme van deze jonge studenten mij aan. Ze hebben nooit een wereld zonder google of facebook gekend en zijn van jongs af aan online. In hun korte levens zijn ze al geconfronteerd met een opstapeling van onrust en crises zoals nine-eleven en terreurdreiging, oorlogen, de bankencrisis gevolgd door een economische crisis en nu de gevolgen van klimaatverandering. De kern van hun ‘verzet’ is dat de overheid niet zomaar mag meekijken wat de burgers communiceren via moderne media en die informatie opslaan en bewaren (1). Het ontbreekt hen wellicht nog aan levenservaring, maar hun idealisme is illustratief voor het snel groeiende spanningsveld dat het proces van digitalisering oproept in onze moderne samenleving. Op veel maatschappelijke gebieden leidt dit tot belangentegenstellingen en verdeeldheid.

Vier fundamentele aspecten waaraan ook al aandacht werd besteed in eerdere publicaties, zal ik verwerken in de slotpublicatie in een reeks van 12 over ‘Leven in een digitaliserende samenleving’ begin 2018. Onderwerpen die ook aan bod zullen komen in vervolgpublicaties over de invoering van de nieuwe Europese richtlijnen, de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet die op 25 mei 2018 van kracht zullen worden. De ethische en levensbeschouwelijke kanttekeningen die ik plaats bij de digitaliserende samenleving, hebben betrekking op vier belangrijke aspecten:

A. Persoonsregistratie. Door intensieve en massale verwerking van persoonsgegevens (Big Data), kunnen mensen meetbaar en transparant worden en daardoor gevoelig voor manipulatie en sturing.

B. Moderne media hebben een grote en snel groeiende invloed op het functioneren en het welzijn van mensen.

C. Computercriminaliteit, cybercrime, cyberwar en andere excessen kunnen ontwrichtend en verlammend werken op de samenleving, bijvoorbeeld wanneer vitale infrastructuur of wapensystemen worden gehackt. Begin 2018 verklaarde AIVD-baas Rob Bertholee dat ‘internet een zwakke plek vormt voor de nationale veiligheid’ (2). Volgens hem zijn er ‘concrete aanwijzingen ‘dat overheden van China, Rusland en Iran doelbewust in Nederlandse overheidssystemen of in systemen van internationale organisaties proberen te komen’. Hij vindt ons land op dit punt naïef en is van mening dat veiligheid belangrijker is dan privacy. Het is illustratief voor het spanningsveld dat ik al vanaf 1988 schetste in veel publicaties en dat een steeds dominanter onderwerp wordt in onze digitaliserende samenleving. 

D. Machtsconcentratie op lokaal, nationaal, internationaal en mondiaal niveau kan leiden tot een samenleving waarin controle en repressie centraal staan wat een spanningsveld oproept met fundamentele grondrechten. Wat George Orwell zo treffend beschreef in zijn boek ‘1984’ (Big Brother), is anno 2018 geen fictie meer maar realiteit. In het Nieuwsblad van het Noorden werd het boek in 1999 nog beschreven als een uiterst sombere toekomstvisie. Dat mag zo zijn, maar twintig jaar later leert de harde praktijk dat de visie van Orwell realistisch is en in grote lijnen overeenkomt met de Bijbelse visie op de Apocalyps (betekenis=onthulling of openbaring) (3).

Ik verwijs tevens naar eerdere publicaties over dit onderwerp, die vermeld staan op mijn websites en waarin de ethische en levensbeschouwelijke aspecten al uitgebreid zijn beschreven.

Bronnen:
1.‘Studenten met een ideaal’, Trouw, De Verdieping 8/1/2018

2.AIVD: In zes jaar tijd vier aanslagen in Nederland voorkomen. Nieuwszender RTLZ, 10/1/2018

3.‘GROTE BROER’, nieuwsblad van het Noorden, 23/10/1999 en Bijbelboek Openbaring, hoofdstuk 13:11-18

Foto: Nationale Beeldbank / Frank Broekhuizen