Skip to content

12. Digitalisering: ethische en levensbeschouwelijke aspecten (slot)

In de voorgaande publicatie schreef ik dat er ten aanzien van ethiek en levensbeschouwing met betrekking tot digitalisering vier fundamentele aspecten zijn, die een permanent maatschappelijke debat noodzakelijk maken:    

  1. Persoonsregistratie, intensiteit en omvang.
  2. De invloed van moderne media
  3. Computercriminaliteit, cybercrime, cyberwar en andere excessen
  4. Machtsconcentratie

Persoonsregistratie

Naar aanleiding van een bezoek aan het voormalig concentratiekamp Dachau, publiceerde ik in 1989 mijn eerste boek ‘De Fatale Knieval’. Het bezoek bepaalde mij nadrukkelijk bij de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, met name een onderwerp dat volgens mij in het huidige computertijdperk wordt onderbelicht, namelijk het efficiënte registratiesysteem van het Naziregime. De door de overheid aangestuurde administratieve infrastructuur, lag toen door controle en repressie aan de basis van de concentratiekampen en werd een instrument dat de Holocaust, de poging om een heel volk systematisch te vernietigen, mogelijk maakte. Op 10 januari 1941 werd in ons land met behulp van de Rijksinspectie van de Bevolkingsregisters, een aanvang gemaakt met de registratie en selectie van Nederlandse Joden uit de gemeentelijke bevolkingsregisters. Daarvoor werd een kwalitatief hoogwaardig persoonsbewijs ingevoerd, dat vanwege de ‘J’ in het document een belangrijke rol speelde bij de registratie van Joden (1). Door Dachau groeide mijn belangstelling voor het onderwerp ‘persoonsregistratie’ en die is de afgelopen decennia door de onstuitbare mondiale opmars van computertechnologie versterkt.

In onze complexe samenleving zijn er veel soorten persoonsgegevens. De Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) geeft in artikel 1 de volgende definitie: een persoonsgegeven is elk gegeven over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Dit betekent dat informatie ofwel direct over iemand gaat, ofwel naar deze persoon te herleiden is. Dat het om een natuurlijke persoon moet gaan, houdt in dat gegevens van overleden personen of van organisaties geen persoonsgegevens zijn. De wet bevat ook een definitie van de verwerking van persoonsgegevens. In artikel 16 van de Wbp wordt een aantal persoonsgegevens gekwalificeerd als ‘bijzonder’, dan gaat het om gevoelige gegevens bijvoorbeeld over ras, gezondheid, erfelijkheid, geaardheid of godsdienst. De gevoeligheid van gegevens is een van de vruchten die de lessen uit de geschiedenis hebben geleerd. Vanaf 25 mei 2018 wordt de Wbp vervangen door de op EU-niveau geharmoniseerde Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De aangehaalde definities zijn opgenomen in artikel 4. De hoeveelheid persoonsgegevens die anno 2018 wordt verwerkt is onvoorstelbaar groot. Via Big Data worden gegevens over burgers verwerkt en met behulp van moderne identificatiesystemen en nummeridentificatie aan personen gekoppeld. Overheden en bedrijven krijgen hierdoor een groeiende machtspositie en de geschiedenis leert dat dit kan ontsporen. Burgers worden meetbaar en volgbaar. Onlangs waarschuwde een deskundige voor de snel groeiende macht van grote technologiebedrijven en drong aan op EU-regulering. Een groep privacy-organisaties is een rechtszaak begonnen tegen de staat, vanwege risicoprofilering van onverdachte Nederlandse burgers bij de uitvoering van sociale wetgeving. Deze profilering op basis van algoritmen zou volgens hen in strijd zijn met de Europese rechten voor de mens. Ik prijs mij overigens gelukkig dat we leven in een democratische rechtsstaat, maar de wijze waarop die zich thans ontwikkelt is wel een punt van zorg. We willen allemaal een veilig bestaan maar hechten tegelijk aan onze privacy. Ik verwacht dat de komende jaren het spanningsveld tussen veiligheid/rechtshandhaving en grondwettelijke rechten als bescherming van de persoonlijke levenssfeer en lichamelijke integriteit, zal toenemen. Als voorbeeld verwijs ik naar de snelle ontwikkeling bij dader- en risicoprofielen, waarbij op grond van data profielen van burgers worden opgesteld. Deze ontwikkeling is enerzijds begrijpelijk uit het oogpunt van rechtshandhaving, maar dient wegens mogelijke excessen ook kritisch te worden gevolgd (2).

De invloed van moderne media

Door de digitalisering van de samenleving is de invloed van de media de afgelopen decennia sterk gegroeid. Een vloedgolf aan informatie overspoelt ons en het wordt steeds moeilijker uit het immense aanbod van nieuws een verantwoorde selectie te maken. Gebeurtenissen waar ook ter wereld, penetreren binnen minuten onze huiskamers en beïnvloeden op grote schaal onze gedachten en de keuzes die we maken. Internet biedt talrijke voordelen, maar maakt ons vanwege de grensoverschrijdend aspecten ook gevoelig voor excessen. Via moderne sociale media zijn veel mensen bijna permanent bereikbaar en onlangs werd bekend dat, door het obsessieve gebruik, bij velen al sprake is van verslaving en wordt door deskundigen aangedrongen op een officiële erkenning als diagnose van ‘verslaving aan sociale media’. Wie goed om zich heen kijkt, zal dit probleem onderkennen. Volgens deskundige kloppen steeds meer patiënten met dit probleem aan bij verslavingsklinieken, maar ze worden niet behandeld omdat het geen erkende diagnose is en behandeling niet wordt vergoed. De roep om een erkende behandeling voor mensen die lijden aan een ‘socialemedia-verslaving’ wordt luider en dat is een zorgelijke ontwikkeling. Maar het gaat verder. Onlangs verklaarde een deskundige, dat het democratisch debat zich verplaatst van het parlement naar de (sociale) media. Daarbij staat niet de inhoud centraal maar scoringsdrift, door op te hitsen en politieke tegenstanders te stigmatiseren. De recente geschiedenis heeft geleerd waartoe dat kan leiden en ik deel die zorg dan ook (3).

Computercriminaliteit en andere excessen

Onder computercriminaliteit (cybercime) verstaan we criminele activiteiten, waarbij informatie en communicatie technologie (ICT) wordt gebruikt. Het is een van de snelst groeiende vormen van criminaliteit, met een grensoverschrijdend karakter. Omdat we zo afhankelijk zijn geworden van ICT, beschouw ik cybercrime als een risico voor zowel onze rechtsstaat als de internationale rechtsorde. Identiteitsfraude en hacking of computervredebreuk vormen bijzondere risico’s. Bij identiteitsfraude wordt illegaal gebruik gemaakt van iemands persoonsgegevens. Criminelen kunnen zo producten en diensten verkrijgen op andermans naam, een bankrekening openen, toeslagen aanvragen of bestellingen doen via internet. De strafbaarstelling ligt met name in de achterliggende delicten zoals diefstal van een creditcard, valsheid in geschrifte of oplichting. Hacking oftewel opzettelijk en wederrechtelijk binnendringen in een geautomatiseerd werk of in een deel daarvan, is strafbaar gesteld in artikel 138ab van ons Wetboek van Strafrecht. Van binnendringen is in ieder geval sprake, indien de toegang wordt verworven door het doorbreken van een beveiliging of een technische ingreep. Cybercrime en cyberwar vormen een immense bedreiging voor de mensheid, omdat personen of overheden via hacking infrastructurele systemen zoals energiecentrales, transportsystemen of bijvoorbeeld geleide raketsystemen kunnen overnemen en manipuleren. Hacking van gevoelige objecten neemt snel toe en kan een samenleving totaal ontwrichten of verlammen. Gelukkig neemt in brede kring het besef van de risico’s toe. Het is het gevolg van een samenleving die zichzelf ‘heeft uitgeleverd’ aan computertechnologie en daardoor zeer kwetsbaar is geworden, zonder vooraf ook de nadelen goed af te wegen (4).

Machtsconcentratie

De behoefte aan een sterke leider neemt toe. In Europa, maar het is een wereldwijd verschijnsel. Denk daarbij aan de opkomst van leiders als Poetin, Erdogan en Trump. De behoefte aan krachtig leiderschap is van alle tijden, maar anno 2018 is er op dat punt toch sprake van een unieke situatie op de wereld. Er is een groeiende behoefte aan leiderschap, dat de wereld ervan kan overtuigen dat de problemen waarmee de mensheid worstelt zullen worden opgelost. Door de invloed van de massamedia, internet, globalisering en de toegenomen mobiliteit verloopt het proces van globalisering sneller dan ooit tevoren in de geschiedenis van de mensheid. Tegelijk worden we geconfronteerd met ernstige grensoverschrijdende problemen, die ieder voor zich een bedreiging vormen voor ons voortbestaan. Ik besteedde al aandacht aan de verlammende werking van cybercriminaliteit, maar er zijn ook andere bedreigingen zoals oorlogen, de oneerlijke verdeling van de welvaart, terrorisme en georganiseerde criminaliteit en de grote problemen die op ons afkomen als gevolg van de milieuproblematiek, klimaatverandering en tekenen in de natuur. Ik plaats dit onderwerp dan ook nadrukkelijk in de context van andere tekenen op de wereld. Als christen bespeur ik bij de benadering van dit onderwerp een tegenstrijdigheid. Veel mensen zijn vol lof over het boek ‘1984’ en de waarschuwing voor een totalitair regime (Big Brother). Dat in de Bijbel 2000-3000 jaar geleden vergelijkbare en voor iedereen gemakkelijk te toetsen waarschuwingen zijn gegeven, kan op minder sympathie rekenen. Degenen die wel op deze profetische waarschuwingen durven wijzen, worden categorisch als pessimisten of doemdenkers bestempeld of onterecht in de populismehoek gedrukt, terwijl deze sceptici de aangehaalde feiten en argumenten negeren. De toekomst zal ondubbelzinnig uitwijzen wat pessimisme of realisme in deze is (5).

De vier hoofdlijnen die ik hiervoor het beschreven, zullen nader aan de orde komen in toekomstige publicaties. Het jaar 2018 is belangrijk omdat op 25 mei de Europese privacywetgeving van toepassing wordt, met meer rechten voor degenen wiens persoonsgegevens worden geregistreerd en meer plichten voor degenen die registreren. 

Bronnen

  1. ‘Nederland tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 Bezetting en Collaboratie’. Gerhard Hirschfeld, Uitgeverij Becht, 1990. Pagina 122. ‘ROOF De ontvreemding van Joods bezit tijdens de Tweede Wereldoorlog’. Gerard Aalders, SDU Uitgevers, 1999. ‘Hoogeveen 1940-1945’, diverse auteurs. Uitgave: Historische Kring Hoogeveen, 1999. Pagina 66. Goede informatie over de AVG die vanaf 25 mei 2018 in de hele EU van toepassing is, kan de lezer vinden op de website van de Autoriteit Persoonsgegevens.
  2. Het Financieele Dagblad, 5/2/2018. Interview met Jonathan Taplin: ‘Europa moet ons redden van grote techbedrijven’. NRC.nl, 13/2/2018 ‘Rechtszaak tegen staat om profileren burgers’.
  3. ‘Experts: kom met behandeling voor ziekmakend socialmediagebruik’. Algemeen Dagblad 05-02-18. Discussieprogramma Buitenhof, 11/2/2018.
  4. Diverse publicaties van Jaap Spaans waaronder ‘De Fatale Knieval’, ‘De Gecontroleerde Samenleving’, ‘Biometrische Identificatie: Digitaal Brandmerk?’ en ‘De Cybersamenleving’.
  5. ‘1984’, deel 3. George Orwell. Uitgave Singel Pocket, 1998. ‘Boos volk wil nu een sterke leider’. Trouw, 12 september 2013. ‘Oh nee! 67 procent Nederlanders wil een sterke leider die orde op zaken stelt’. De Dagelijkse Standaard, 24 juli 2017. Zacharia 12 en 14, Mattheus 24 en Openbaring 13:11-18.

Foto’s Jaap Spaans: verbleekte voorzijde ‘Ausweis of persoonsbewijs’ van familielid, moderne informatiedrager de chipinjector met chip, camera-auto brengt gedetailleerd een woonwijk in kaart, toetsenbord (dagelijks laten we talrijke elektronische sporen achter), de behoefte aan krachtig leiderschap neemt toe (tijdelijk) standbeeld van Lenin in Assen.